NKDE

De ideale motorboot

De ideale motorboot

On januari 13, 2010, Posted by , In Overig, With Reacties uitgeschakeld voor De ideale motorboot

Het lijkt een taboe. Het gebruik van een motor op een Drascombe schijnt not done. Toch leent het bootje zich prima om met een luttel aantal paardenkrachten in de bun mooie tochten te maken. Ronkend proza over een stiefkind aan boord.

Wel even een waarschuwing vooraf. Drascombe-vaarders met een lage tolerantiedrempel wat betreft motorgebruik moeten dit stukje NIET lezen. U bent dus gewaarschuwd, want de mogelijkheid bestaat dat ik met mijn volle 105 kilo op uw gevoelige tenen ga staan. Dan meteen ook maar een hardnekkig misverstand uit de weg ruimen: het roeien van een Drascombe Coaster is niet gezond voor lijf en leden. In de eerste plaats staat er op het brugdek een ballenkraker in de vorm van een lier. Één maal heb ik toch voorzichtig geprobeerd om mijn boot tegen een matige bries in te roeien. Dit leidde vooral tot overmatige zweetproductie (de boot kwam ondertussen nauwelijks vooruit) waarna de wind mijn natte rug in een koude greep nam. De pijnlijke gevolgen waren meer dan een week later nog niet verdwenen.

Wil ik toch zonder de motor te gebruiken korte stukken vooruitkomen, meestal in een haven, dan behelp ik me met de wrikriem die me met een sukkelgangetje voortbeweegt. Als ik sportief wil zijn, dan ga ik zestig baantjes zwemmen. Dan kom ik bovendien fris thuis. Roeien met een Drascombe is volgens mij geen bodybuilding, maar imagebuilding. Er doet een mythe de ronde over een man die met een Drascombe zeereizen maakte en bij windstilte roeiend de shippinglanes is overgestoken. Dit moet waarlijk een Herculische figuur zijn geweest, die daarbij nog over hardstalen zenuwen beschikte. Ik laat die twee riemen graag thuis, want ik sleep al genoeg spullen met me mee in de kuip. Die-hards mogen me bellen. Ze zijn te koop. Mooie essen riemen, slechts eenmaal gebruikt.

Moeder en dochter Daphne tijdens een tocht door Amsterdam. Het betrof hier een particuliere rondvaart die mijn moeder kreeg aangeboden als moederdaggeschenk. Motorbootplezier straalt van de gezichten af!

Drascombes zijn echter uitstekende motorboten. Ik gebruik mijn motor redelijk veel. De laatste tijd maakte ik nogal wat tochten op het binnenwater. De mast ligt plat, wat resulteert in een kruiphoogte van 1,40 m en ik kan de meeste bruggen moeiteloos passeren. Verbluffend grote afstanden zijn zo in korte tijd af te leggen. Tochten door Amsterdam zijn met familie en vrienden een groot succes. Ook de Vecht, het Gein, de Amstel, de Waver, de Zaan en de ringvaarten van de Noord Hollandse droogmakerijen zijn prachtige wateren waar je zonder motor niet of nauwelijks komt. Maar ook op het Wad en op het IJsselmeer hijs ik met regelmaat het ijzeren grootzeil. Gebrek aan wind, overmaat aan wind (meestal precies uit de richting waar ik heen wil) of een spurtje trekken om het tij nog naar mijn hand te kunnen zetten op het Wad, allemaal omstandigheden waarin een rechtgeaard toervaarder de koffiemolen met liefde gebruikt.

De vorm van een Drascombe met de scherp weggesneden lijnen in het voorschip en een relatief breed en vlak achterschip resulteert in een rompvorm die thuishoort in de categorie halfglijders. Dat wil zeggen dat bij voldoende voortstuwend vermogen de boot enigszins uit het water komt en dan snelheden kan halen die boven de theoretische rompsnelheid liggen. Ik vaar met een 6 pk Mercury ( 4takt ) en heb op een windstille dag met behulp van mijn GPS een paar testjes uitgevoerd. Met halfgas haalde ik een snelheid van 5,1 knopen en met volgas een snelheid van 6,5 knopen. Ik was alleen aan boord. De mast stond overeind en ving dus meer (schijnbare)wind dan wanneer hij plat had gelegen. (Mast en rolfok zorgen voor windweerstand.) Opvallend bij die snelheden is de gevoeligheid van de boot voor verandering in de trim. Gewichtsverplaatsing zorgt al snel voor een vervorming van het ondergedompelde deel van de romp. Hoe meer de bemanning zich naar de rand van de boot verplaatst, hoe asymmetrischer het onderwaterschip door de helling wordt. Bij een gewichtsverplaatsing naar stuurboord heeft de boot vervolgens de neiging om een flauwe bocht naar bakboord te maken. Gewichtsverplaatsing naar bakboord heeft uiteraard het omgekeerde effect. Het is leuk om een keer te proberen. Je zult zien dat je de boot zo wandelend van de ene naar de andere kant kunt sturen. Uiteraard zijn scherpe bochten niet mogelijk, maar wellicht dat iemand het wil proberen door in een trapeze te gaan hangen. Wil je echter zonder veel tegenroer te moeten geven rechtuit varen dan is het dus zaak om het gewicht zoveel mogelijk midscheeps te houden.

Tijdens het motoren op ruim water voer ik toch altijd de druil.Dat zeiltje kan als slingerdemping gebruikt worden, zeker bij halfwindse koersen op een knobbelig IJsselmeer. Een bijkomend plezierig effect van de bezaan is dat ik beter gezien wordt. Op groot water is het profiel van een kale Drascombe een armetierig geval en kan dus makkelijk over het hoofd gezien worden. Omdat ik, net als ieder ander, ook niet altijd 100% geconcentreerd op aanvaringskoersen let, is het beter om in een boot rond te varen die gezien kan worden. Bij haven- en sluisaanloop is het natuurlijk verstandig om de druil te bergen en de papagaaistok binnen te halen, als je het spul heel wil houden.

motor2gr.jpg

De koersstabiliteit wordt aanzienlijk verbeterd door het midzwaard tenminste half te laten zakken. Bij havenmanoeuvres is een geheel gestreken zwaard aan te bevelen. Zeker wanneer je met de motor stuurt, is het dan mogelijk om op de plaats rondjes om je as te draaien. De Drascombe is een veilige motorboot, die niet terugschrikt voor een steile golf meer of minder. Met een langstaartmotor is het risico dat de schroef boven water komt bijna nul. Mij is het in elk geval nog nooit overkomen. Bij zeilboten die een motor aan de spiegel hebben hangen heb ik dat wel anders meegemaakt.

In het algemeen is het natuurlijk zo dat het varen op groot water veiliger is met een motor achter de hand. Denk alleen maar eens aan de mogelijke averij aan de tuigage bij een aanwakkerende wind. Prettig als je dan een goed heenkomen kunt zoeken op de motor. Ik zeil veel op het IJsselmeer en voel me er prima bij dat ik een hulpje ‘voor het geval dat’ heb. Hij hangt dus niet alleen voor de fun in de bun.

Sinds twee seizoenen ben ik in het rijke bezit van een viertakt motor en dat levert me een groot aantal voordelen op ten opzichte van een tweetakt. Geen circusacts meer met maatbekertjes olie die op een slingerende boot aan de benzine moet worden toegevoegd, nauwelijks nog stank en het geluid is een stuk minder. Daarenboven is dit motortje zeker 30% zuiniger dan zijn dorstige tweetakt broertje.

Al met al ben ik erg in mijn nopjes met mijn Drascombe motorboot, maar wat hem helemaal ideaal maakt, is dat hij ook zo lekker zeilt.

Ton Wegman

Comments are closed.