NKDE

Schiermonnikoog 22 november 2005

Home  >>  Techniek  >>  Schiermonnikoog 22 november 2005

Schiermonnikoog 22 november 2005

On januari 13, 2005, Posted by , In Techniek,Uitrusting, With Reacties uitgeschakeld voor Schiermonnikoog 22 november 2005

Het oplossen van problemen is een interessant werkje, maar wel tijdrovend.
Voor het eindelijk goed is ben je telkens aan het veranderen. Het grootste probleem van een Drascombe met de Wadden als vaargebied, is het steekroer. Het sturen met wrikriem is waardeloos. Daar moest in de eerste plaats wat op gevonden worden, uiteindelijk met goed resultaat. Het steekroer zit nu op de achtersteven. De helmstok in het 2e gat. Een staaf verbindt de helmstok met het roer. De helmstok kan je met een pin in de meest gebruikelijke standen vast zetten( geen touwtje nodig). \ Vijftien cm van het roer afgeflekst en dat er aan de achterkant weer aangelast. Ik zeil nu normaal in 50 cm. water. Bij droogvallen gaat het roer nog 5 cm. omhoog met een vuIstukje. Doordat het roer helemaal achterop zit stuurt het veel directer en feller. Omdat ik geen motor heb zit het roer in het midden. Mét motor kan je een tandem roer monteren. Als je ook nog klaproeren neemt ben je helemaal het Heertje. Zonder motor is het roeien belangrijker. De u-vormige roeidollen zijn waardeloos. Als je de riemen loslaat schieten ze er gemakkelijk uit. Ik heb pinnen, de riemen vallen nu langs de boot en kunnen er uitzichzelf niet afgaan. Één paar riemen is te weinig, met 2 paar ben je veel meer mans.

Het strijken van de mast gaat eenvoudiger door een lat tussen mastvoet en voorstag. Ik laat hem gewoon zitten, dan heb je op het voordek altijd goed houvast. De navigatie lichten, dieptemeter en log met alle dradenboel eraf gesloopt. Dat ruimt lekker op. Een olieankerlicht is de enige verlichting en een schijnwerper standbij. Ik heb het ankerlicht nog niet gebruikt. Een bamboe stokje van 2 meter is een ideale dieptemeter.

Bij het reven zat er een lelijke vouw van giek naar gaffelvoet. Dat is opgelost met een touwtje aan de gaffel waar de val doorheen loopt. De gaffel wordt nu tegen de mast aangetrokken, de vouw is weg.

De 2 losse roeibanken, dat is heel gemakkelijk, ook als loopplank naar de wal.

Naast 2 stel riemen ook nog 2 lange peddels en een paar bootshaken. Het hele spul ligt aan weerskanten op de banken. Je zit toch meestal op een roeibank. De bun is dichtgemaakt. Een ideale bergplaats voor ankers en verdere losse troep.

Een voornaam ding is een goede nylon sleeplijn( rekt lekker). Daar hebben we in het binnenland veel gebruik van gemaakt. Ik heb gelukkig geen gewetensprobleem met paraciteren op de sterke motor van langsvarende koekblikken.

Het nachtelijk sanitaire gebeuren heb ik vereenvoudigd door de aanschaf van een urinaal. Blijf je lekker in je slaapzak liggen ( Wel een emmer onder handbereik). De aangepaste zwemtrap is een onding, maar zonder kan ik vanuit het water niet aan boord komen. Het paraplu anker (zoals ze geleverd worden) zijn waardeloze dingen. Ze krabben om het leven. Je kunt ze goed bruikbaar maken door de voeien in een stand van 45 graden te fixeren. Zoek zelf maar uit hoe je dat doet, dán houden ze wel. Sommigen hebben een niet aangepast paraplu anker als reserve, valse hoop. Een reserve-anker moet zwaarder zijn dan het gebruiks-anker. Het is wat overdreven, maar ik heb 4 ankers aan boord, “je weet maar nooit”.


J. van Boven.

Comments are closed.